
Fanny Schamp wil nog niet gezegd hebben dat de titel binnen is. Foto Dominique Lampo.
In de West-Vlaamse eerste provinciale werd reikhalzen uitgekeken naar het duel tussen Boezinge, nummer twee in de stand, en leider Rumbeke. De bezoekers klommen via een strafschop van Guillaume Devacht op voorsprong, maar net voor de rust stelde Olivier Scheir gelijk. Na de rust klom Boezinge zelfs op voorsprong via Ward Maerten, maar via Thomas Timmerman stelde leider Rumbeke nog gelijk. Beide trainers keken met gemengde gevoelens terug op de wedstrijd. Fanny Schamp kon wel leven met het gelijkspel.
“We wisten hoe Boezinge het zou aanpakken, maar in het eerste half uur kregen we het niet onder de markt. Vooral op hun vierkant in het middenveld kregen we niet echt greep, al leidde hun overwicht nauwelijks tot kansen. Na dat eerste half uur kwamen wij beter in de wedstrijd en toen Guillaume Devacht vastgehouden werd, kon Guillaume zelf ons op voorsprong trappen. Net voor de rust slikken we dan de gelijkmaker. In eerste instantie konden we een hoekschop afweren, maar finaal stelde Boezinge via een kopbal gelijk. Na de rust was de wedstrijd meer in evenwicht en na een haakfout op Devacht ging de bal opnieuw op de stip. De doelman van Boezinge ranselde de bal uit zijn doel en in de fase die daarop volgde scoorde Michiel Tyvaert. De ref zag evenwel buitenspel. Op een hoekschop maakt Boezinge dan de 2-1 en dan moesten we alle zeilen bijzetten. Een goede aanval via Tyvaert en Mounir zorgde ervoor dat Thomas Timmerman de gelijkmaker op het bord kreeg. Boezinge mopperde omdat ze vroeg in de wedstrijd geen strafschop kregen, wij dan weer omdat het doelpunt van Tyvaert ten onrechte werd afgekeurd. Al bij al kwam er naar mijn gevoel dus wel een billijk resultaat op het bord.”
In het kamp van Boezinge balanceerde coach Dylan De Winter tussen tevredenheid en teleurstelling.
“Rumbeke is natuurlijk een heel sterke tegenstander en je start natuurlijk met de bedoeling om hen te kloppen, maar ik had vooraf het gevoel dat een gelijkspel ook geen slecht resultaat hoefde te zijn. Na de wedstrijd had ik het gevoel dat er meer in zat. In de eerste helft waren we toch duidelijk de betere ploeg. Na de rust vergaten we wat te voetballen en was het spelniveau toch wat minder. Je hoort me niks vertellen over de twee strafschoppen die Boezinge kreeg. Maar vroeg in de wedstrijd hadden wij er ook eentje moeten krijgen. Die was zelfs duidelijker dan de twee van Boezinge. We hadden ook het gevoel dat Robinson Woodruff toch wel aan rood ontsnapte. Zo maakte hij voor de rust een fout waarbij hij met geel goed weg kwam. Na de rust maakte hij dan nog wat foutjes en had rood best gekund.”